Home » Hoe leert je kind zich in anderen te verplaatsen?
woordenschatoefenen_9.png

Hoe leert je kind zich in een ander te verplaatsen?

Deed jouw kind dat ook? Als dreumes bij het kiekeboe spelen zijn handen voor zijn ogen doen en dan denken dat het vreselijk goed verstopt zat? Superschattig en het toppunt van je niet in een ander kunnen verplaatsen. Je kind dacht immers: "Ik zie jou niet, dus jij ziet mij ook niet". Empathie of je in een ander verplaatsen is dus iets wat je moet leren. De meeste kinderen leren rond een jaar of vier dat andere mensen niet automatisch hetzelfde weten of denken als zij. "Theory of Mind" heet dat. Rond deze leeftijd beginnen kinderen ook steeds beter te liegen. (Wil je hier meer over weten, lees dan ook het artikel: Wat kinderen moeten leren over liegen.)

 

Het vermogen om te kunnen inschatten wat andere mensen denken of voelen is heel belangrijk. Als je dat niet kunt worden andere mensen heel onvoorspelbare wezens. Dat kan een boel misverstanden en spanningen veroorzaken. Al je relaties en vriendschappen verlopen dan een stuk stroever. Algemeen bekent is dat kinderen en volwassenen met een stoornis uit het autistisch spectrum hebben vaak moeite om zich in een ander te verplaatsen. Maar het is geen zwart-wit vaardigheid, je kunt het of je kunt het niet. De één is er gewoon beter in dan de ander.

Empatisch zijn leert je kind op allerlei verschillende manieren. Jonge kinderen imiteren graag andere mensen en als ze wat ouder worden ontwikkelt zich het rollenspel, spelen dat je mama of papa of een politieagent bent. Om zich in een ander te kunnen verplaatsen moet je kind ook de verschillende emoties als bang, boos, blij en verdrietig bij zichzelf en anderen kunnen herkennen en benoemen. En de grote stap, die kinderen dus rond een jaar of vier zetten: het kunnen inschatten wat een ander denkt. Kunnen bedenken dat als mama haar jas aantrekt, dat dat vast betekent dat zij naar buiten gaat en denkt dat het buiten koud is.

Fotosearch_k5009629.jpg

Uiteindelijk gaat je kind ook humor begrijpen. Want humor en moppen zijn vaak juist grappig omdat daarin gespeeld wordt met wat je denkt of verwacht wat er gaat gebeuren. De moeilijkste vormen van humor, ironie en sarcasme leert je kind het laatst, soms pas als het al volwassen is. Sommige mensen zetten die stap nooit.

Stimuleren van de ontwikkeling van empathie.

Zoals gezegd , je in een ander kunnen verplaatsen is een vaardigheid die je kind moet leren. Je kunt je kind daarbij helpen door:

  • Imitatie- , doen alsof- en verstopspelletjes doen.
  • Je kind helpen met het benoemen van zijn emoties en die van jezelf en anderen.
  • Na het voorlezen napraten over het verhaal. Waarom deed de hoofdpersoon wat hij deed? Wat wilde hij bereiken? Wat dacht hij?
  • Regelmatig verwoorden waarop je doet wat je doet.
  • Je grapjes aanpassen aan het niveau van je kind.

Vond je dit artikel nuttig of interessant?  Misschien vind je dit dan ook leuk om te lezen: